De vingers en de taal van een toppianist

Peter MolemanArtikelen, Ontwikkeling van hersenen10 Comments

De vingers en de taal van een toppianist | Peter Moleman

Dit is een gereviseerde versie van “De vingers en de taal van een toppianist” gepubliceerd op 6-07-2017.

Topmusici hebben vanaf hun vroege jeugd heel veel geoefend. Hetzelfde geldt voor topvoetballers. Waar is dat vele oefenen voor nodig? Is talent alleen niet genoeg? Top-wetenschappers en top-therapeuten zijn veel later met oefenen van de specifieke vaardigheden voor hun vak begonnen. Als een musicus of voetballer pas op zijn 15de of 20ste begint met oefenen, is hij te laat om de top te bereiken. Waarom?

Je lichaam voelen

Eén verklaring daarvoor weet ik wel. Het bespelen van een muziekinstrument of de voetbal vereist een heel specifieke, verfijnde motoriek. Om die te ontwikkelen -en te onderhouden- moet je heel precies en verfijnd voelen waar wat met je lichaam gebeurt. Daarvoor heb je je somatosensore cortex nodig (soma=lichaam en sensoor=voelen, dus het deel van de cortex waarmee je je lichaam voelt). In Fig. 1 zie je de somatosensore cortex van de mens. In Fig. 2 zie dat het hele lichaam op die cortex geprojecteerd is; elk lichaamsdeel heeft zijn eigen stukje cortex.

Fig. 1 De somatosensore cortex van de mens.
bron: Anatomography maintained by Life Science Databases(LSDB), CC-BY-SA-2.1-jp .
Fig. 2 Projectie van lichaamsdelen op de somatosensore cortex (“homunculus” genoemd)
OpenStax College – Anatomy & Physiology, Connexions Web site. CC BY 3.0

Motoriek oefenen

In fig. 3 zie je wat er verandert bij training van de motoriek van één vinger. Links zie je de gebieden van de somatosensore cortex die bij de vijf vingers horen. Daar wordt het gevoel in die vingers geregistreerd. Het gaat hier om een aap die getraind werd om met de top van zijn wijsvinger een plateau te draaien om aan voer te komen. Rechts zie je dat na enkele weken training het gebied dat bij de wijsvinger hoort, is toegenomen. Dat betekent dat er meer en subtielere verbindingen met die vinger zijn aangelegd in de somatosensore cortex en de aap dus beter en subtieler kan voelen met die vinger. Vroeger dachten we dat die verbinding tussen de hand en vingers enerzijds en de cortex anderzijds vroeg, als jong kind, werden gevormd en dan onveranderlijk vastlag. Maar het blijkt dat die verbindingen in onze hersenen relatief makkelijk worden aangepast.

De vingers en de taal van een toppianist. Peter Moleman
Fig. 3 Schematische weergave het stukje somatosensore cortex dat verbonden is met de vingertoppen. 1=duim, 2=wijsvinger etc., voor en na training van de wijsvinger

Bij musici kan je dit onderzoek niet op dezelfde manier herhalen, want bij deze experimenten werden elektroden in de hersenen van de apen gezet. Maar bij mensen zijn wel hersenscans gemaakt die op soortgelijke effecten wijzen. Daaruit blijkt bovendien dat de linker en rechter hersenhelft van pianisten worden aangepast en dat die beter gecoördineerd samenwerken. Zij moeten namelijk hun handen onafhankelijk van elkaar kunnen bewegen, maar wel heel precies coördineren en dat is niet zo simpel. Bij elk mens zijn de bewegingen van beide handen op elkaar afgestemd zodanig dat symmetrische bewegingen makkelijker zijn dan parallelle. Dus allebei de handen naar buiten bewegen -de linker naar links, de rechter naar rechts- is makkelijker dan allebei de handen tegelijk naar rechts bewegen. Veel moeilijker is de handen en vingers zowel in de ruimte als in de tijd los van elkaar te bewegen. Ik hoef dat niet te proberen. Maar een pianist moet dat moeiteloos kunnen.

Jong geleerd, voor altijd vastgelegd

Dus oefening baart kunst en een aangepaste cortex. Maar ik heb nog niet verklaard waarom musici zo vroeg moeten beginnen met oefenen om de top te bereiken. De cortex van die apen was al na drie maanden veranderd, dus daarvoor hoef je niet 10 jaar te oefenen. Maar musici moeten wel meer dan verfijnde motoriek leren om hun instrument te bespelen. Het gehoor speelt natuurlijk een belangrijke rol, en inderdaad de gehoorscortex verandert ook bij musici. De hersenen van musici krijgen nog veel meer te verwerken. Het volgende aspect verklaart misschien waarom zo vroeg beginnen nodig of nuttig is. Kleine kinderen die musiceren, blijken beter te (leren) lezen, sterk gelijkende (taal)klanken beter te kunnen onderscheiden, en makkelijker een vreemde taal te leren. Dat geldt al met drie jaar, maar blijft als musici volwassen zijn.

Muziek en taal

Er lijkt dus een verbinding tussen taal en muziek te zijn. En het leren van taal gaat veel makkelijker op (zeer) jonge leeftijd. Mijn kleindochter heeft vanaf haar vierde tot haar achtste levensjaar in China gewoond. Nadat ze een jaar daar woonde hoorden Chinezen niet meer dat ze geen Chinese is. Dat deden haar ouders haar na vier jaar en hard studeren niet na. Die konden zich net redelijk verstaanbaar maken. Een belangrijke verklaring hiervoor is dat de neuronen en hun verbindingen in de cortex van een klein kind snel toenemen. Nieuwe informatie kan daardoor moeiteloos geabsorbeerd worden. Die wordt vervolgens vastgelegd in die neuronen en hun verbindingen. Voor elk soort kennis of vaardigheid bestaat een kritische periode. Dat wil zeggen dat het na die periode veel meer moeite kost om die kennis of vaardigheid aan te leren. Zie ook Groeien en snoeien: de hersenen van een kind.

Valt een genie te maken?

Dus denk je al gauw: mijn kind moet jong op muziekonderwijs en dan wordt het ook beter in taal en wordt het misschien slimmer. Toch is dat de vraag. Ten eerste is het de vraag of musici een beter taalgevoel hebben door te oefenen of doordat ze met aanleg voor taal én muziek geboren zijn, of door een combinatie van oefenen en aanleg1. Ten tweede valt de grootte van het verschil in taalgevoel tussen musici en andere mensen tegen. Vele factoren spelen een rol bij vorming van taalgevoel en de invloed van elke factor apart is klein. Dus je kunt niet van ieder kind een taalgenietje maken door jong muziekonderwijs te geven. Het kan wel het verschil uitmaken tussen wel of net niet een top-musicus worden.

Je hoort mensen die de top hebben bereikt in hun vak, vaak zeggen: kijk, als je er maar helemaal voor gaat. Dat is echter misleidend. Vraag het maar aan al die mensen die er helemaal voor gingen, maar met geen mogelijkheid in de buurt van de top in hun vak kwamen. Zonder uitzonderlijke aanleg lukt het niet.

Bronnen

Gordon RL, Fehd HM, McCandliss BD (2015): Does Music Training Enhance Literacy Skills? A Meta-Analysis. Front Psychol 6:1777.

Strait, D. L., S. O’Connell, et al. (2014). Musicians’ Enhanced Neural Differentiation of Speech Sounds Arises Early in Life: Developmental Evidence from Ages 3 to 30. Cerebral Cortex 24(9): 2512-2521.

Yang, H., W. Ma, et al. (2014). A longitudinal study on children’s music training experience and academic development. Scientific reports 4: 5854.

Bailey, J. A., R. J. Zatorre, et al. (2014). Early musical training is linked to gray matter structure in the ventral premotor cortex and auditory-motor rhythm synchronization performance. Journal of cognitive neuroscience 26(4): 755-767.

White, E. J., S. A. Hutka, et al. (2013). Learning, neural plasticity and sensitive periods: implications for language acquisition, music training and transfer across the lifespan. Frontiers in systems neuroscience 7: 90.

Globerson, E. and I. Nelken (2013). The neuro-pianist. Frontiers in systems neuroscience 7: 35.

Steele, C. J., J. A. Bailey, et al. (2013). Early musical training and white-matter plasticity in the corpus callosum: evidence for a sensitive period. The Journal of neuroscience : the official journal of the Society for Neuroscience 33(3): 1282-1290.

Lappe, C., L. J. Trainor, et al. (2011). Cortical plasticity induced by short-term multimodal musical rhythm training. PloS one 6(6): e21493.

Voetnoten

  1. Geen van de onderzoeken sluit uit dat het verschil tussen de groepen een verschil in aanleg is en niets met training te maken heeft.

10 Comments on “De vingers en de taal van een toppianist”

  1. Wat een prachtig verhaal Peter. Ik heb het direct doorgefloten naar mijn vriend de concertpianist. Ben benieuwd of hij het herkent.
    PietHein

  2. Goed voorbeeld van taal, Peter. Mijn zoon, geboren in Denemarken, sprak na 5 jaar ”vloeiend” Deens, zij het in een stijl, zoals kinderen op die leeftijd bezigen. Enkele jaren terug in ”patria” dachten wij, dat hij het verleerd had… Hij ging met ons op bezoek bij onze vroegere deense buren en…hij sprak Deens als een Deen! Het zat er nog helemaal in! Goed voorbeeld dus van wat jij noemde.

  3. Beste Peter, Mag ik onbescheiden zijn en je een boek aanraden over muziek en het brein, dat mij buitengewoon gefascineerd heeft: ”Musicofilia” van Oliver Sacks? Een echte aanrader! Ik ben zelf anderhalf jaar geleden met trompetles begonnen en gebleken is, dat je zelfs als je ouder (70) bent nog kunt leren. Ik besef overigens wel, dat ik nooit een Miles Davis zal worden, maar ik heb er plezier in. Hartelijke groeten, Meindert-Jan Botman

    1. Beste Meindert-Jan, dank voor je reactie en de aanbeveling. Je hebt toch niet de indruk dat mijn stuk zou weerspreken dat je op hogere leeftijd nog heel goed een instrument kunt leren bespelen? En plezier is toch belangrijker dan de top?

  4. Dag Peter, heel interessant! Mijn (uit Bulgarije) geadopteerde dochter van 10 heeft een forse taalontwikkelingsstoornis met automatiseringsprobleem maar piano spelen gaat best goed! Een discrepantie waar we ons over verbazen en moeilijk te verklaren…enig idee? groet!

    1. Mooi dat je dit deelt Cara. De verbinding tussen taal en muziek heeft vermoedelijk te maken met het leren onderscheiden en combineren van verschillende klanken, wat een basis vormt voor gevoel voor taal en muziek. Dat leren kleine kinderen razendsnel. Bij het leren van de fijne motoriek die een pianist nodig heeft, zijn heel andere hersendelen betrokken, zoals de somatosensore cortex (zie de figuur). Ik vraag me af of je dochter vooral motorisch goed overweg kan met de piano. Ik weet niet wat je bedoelt met dat automatiseringsprobleem. Verder is de vraag of je mijn algemene kennis op een individu kunt toepassen, want altijd spelen heel veel meer aspecten een rol. Maar dat weet jij als psychologe beter dan ik.

      1. Dank voor je antwoord Peter, erg boeiend allemaal. Ze is motorisch handig, de vingertjes gaan soepel over de piano. We vinden het vooral bijzonder dat ze de muzieknoten snel herkent en ook de koppeling tussen het lezen van noten en de bijbehorende toetsen best snel maakt, terwijl het herkennen en lezen van woorden (laat staan zinnen, maar ook praten) zeer moeizaam verloopt. Haar biologische ouders zijn Bulgaars/Roma, een muzikaal volk, wellicht ook een deel van de verklaring. Benieuwd hoe het verder ontwikkelt. Succes met ””brein in actie””, ik blijf het volgen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *